Bij ieder verhoor moet politie verdachte wijzen op diens zwijgrecht

Bij aanvang van ieder nieuw verhoor dient de politie de verdachte te wijzen op diens zwijgrecht. Gebeurt dat niet, dan kan dat leiden tot bewijsuitsluiting omdat dit een onherstelbaar vormverzuim oplevert. Dit zien we bijvoorbeeld in een uitspraak van het Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch, 18 augustus 2009, LJN: BJ5460.

Verdachte niet steeds gewezen op zwijgrecht

In het strafdossier zijn opgenomen vier processen-verbaal van vier verhoren van de verdachte. Elk proces-verbaal begint met de vaststelling dat verdachte de cautie wordt gegegeven.
Uit het viertal bij de behandeling in hoger beroep alsnog aan het dossier toegevoegde verbatim verslagen van die verhoren van verdachte blijkt, met uitzondering van het eerste verhoor, niet van die in de processen-verbaal vermelde cauties. Voorts heeft verbalisant [verbalisant], die bedoelde verhoren heeft afgenomen, ter terechtzitting in hoger beroep als getuige verklaard dat hij niet met zekerheid kan verklaren dat hij verdachte voorafgaand aan de drie laatste verhoren de cautie heeft medegedeeld.

Onherstelbaar vormverzuim

Onder deze omstandigheden houdt het hof het er voor dat de cautie bij de laatste drie verhoren van verdachte niet is gegeven, hetgeen een vormverzuim oplevert dat niet meer kan worden hersteld, als bedoeld in artikel 359a van het Wetboek van Strafvordering.

Het hof oordeelt vervolgens dat het bepaalde van artikel 29 van het Wetboek van Strafvordering, welk artikel een uitwerking is van het zogenaamde nemo tenetur-beginsel, uit welk beginsel het recht van de verdachte om te zwijgen voortvloeit, een principieel uitgangspunt voor een verdachte inhoudt en dat schending van dit beginsel een ernstig verzuim oplevert.

Het hof stelt tevens vast dat de inhoud van de processen-verbaal van de verhoren van verdachte, zoals die zich in het dossier bevinden, en de verbatim verslagen van die verhoren op essentiële punten niet met elkaar overeenkomen. In het bijzonder stelt het hof vast dat de processen-verbaal geen recht doen aan door de verdachte tijdens de verhoren onder woorden gebrachte nuanceringen, terwijl die nuanceringen in dit geval van essentieel belang zijn voor de waarheidsvinding.

Consequentie: uitsluiting van het bewijs

Het hof zal gelet op bovenstaande de processen-verbaal van de verhoren van verdachte uitsluiten van het bewijs.

Vrijspraak

Wat zich overigens in het dossier bevindt, levert naar het oordeel het hof onvoldoende steunbewijs op voor de aangifte van [benadeelde], zodat bij gebrek aan voldoende wettige bewijsmiddelen niet kan worden bewezen dat de verdachte het primair en subsidiair ten laste gelegde heeft begaan, zodat hij daarvan wordt vrijgesproken.

< Terug naar Informatie verhoor politie
Direct contact met een advocaat?
Meld gratis en vrijblijvend uw zaak aan.
Zaak aanmelden